Amputatie


Bij een amputatie haalt de chirurg een deel van een arm of een been operatief weg. Een amputatie is een zeer ingrijpende operatie. De chirurg en/of de revalidatiearts heeft een prothese voorgeschreven.

De relatie tussen de geamputeerde tegenover de arts, de prothesemaker, de kinesist en alle specialisten die het mogelijk maken om een goede revalidatie te geven is van groot belang.

De persoon bij wie er een been geamputeerd moet worden wil toch het liefst blijven functioneren zoals voordien. Een amputatie is zo al een zeer traumatische ervaring onafhankelijk van de oorzaak daarvan. Wij, de eerste omgeving van een geamputeerde, spelen een grote rol in de begeleiding.

Direct na de amputatie begint men met de revalidatie en oefentherapie. Een arts en een kinesist begeleiden hierbij. Van de kinesist krijgt men oefeningen die de spieren van het overgebleven deel van het been sterker maken. De ergotherapeut zorgt ervoor dat de patiënt weer zo goed mogelijk thuis meedraait. Hij helpt om de beste manier te vinden om te zitten, te staan, een kopje koffie te halen, zich aan te kleden en al die andere handelingen die eerst zo vanzelfsprekend waren.